Algemeen kader voor het Europees monetair beleid

Sinds 1 januari 1999 speelt de Nationale Bank een actieve rol bij het bepalen en het uitvoeren van het monetair beleid van het Eurosysteem. Het Eurosysteem bestaat uit de Europese Centrale Bank en de nationale centrale banken van de landen die de euro als munteenheid hebben aangenomen. De hoofddoelstelling van dat monetair beleid is het handhaven van prijsstabiliteit in het eurogebied.

Een Europees monetair beleid

  • In 1992 sloten de landen van de Europese Economische Gemeenschap het Verdrag van Maastricht, waarin de voltooiing van de Economische en Monetaire Unie (EMU) als een formeel doel werd gesteld en een aantal convergentiecriteria werden vastgelegd. Het monetair beleid van de EMU wordt gevoerd door het Eurosysteem, dat bestaat uit de ECB en de nationale centrale banken van de EU-lidstaten met de euro als munteenheid.

  • Het voeren van het monetair beleid binnen het Eurosysteem berust op twee beginselen: beslissingen worden centraal genomen door de Raad van Bestuur van de ECB en worden op een gedecentraliseerde manier geïmplementeerd door de nationale centrale banken.

  • Om de hoofddoelstelling van het handhaven van de prijsstabiliteit te bereiken, stuurt het Eurosysteem de korte geldmarktrente door signalen over de koers van het monetair beleid af te geven via het bepalen van de basisrentetarieven en door de liquiditeitsverhoudingen op de geldmarkt te reguleren.

  • In het Verdrag van Maastricht wordt bepaald dat de hoofddoelstelling van het door de Raad van Bestuur van de ECB gevoerde monetair beleid het handhaven van prijsstabiliteit is. De Raad van Bestuur heeft een strategie uitgestippeld die bestaat uit een gekwantificeerde definitie van prijsstabiliteit en twee pijlers: een economische analyse en een monetaire analyse.