Forward guidance

Met forward guidance worden de aanwijzingen (communicatie) bedoeld die de Raad van Bestuur van de ECB geeft over zijn intenties op het gebied van het toekomstig monetair beleid, of het nu gaat om het verloop van de beleidsrentes of de activa-aankoopprogramma’s.

De forward guidance kan bijvoorbeeld de desactivering van bepaalde instrumenten koppelen aan resultaten op het vlak van inflatie. De Raad van Bestuur van de ECB maakt er gebruik van sinds juli 2013. Met forward guidance kunnen de verwachtingen van de economische spelers worden gestuurd en kan de onzekerheid over het verloop van de monetairbeleidsmaatregelen worden verminderd, wat bijdraagt tot een gepaste transmissie van de monetaire versoepelingen.

De huidige forward guidance van de Raad van Bestuur luidt als volgt:

Ter ondersteuning van onze symmetrische inflatiedoelstelling van twee procent en in overeenstemming met onze strategie voor het monetair beleid verwacht de Raad van Bestuur dat de basisrentetarieven van de ECB op hun huidige niveau of lager blijven totdat we hebben vastgesteld dat de inflatie ruim vóór het einde van onze projectieperiode en duurzaam voor de rest van de projectieperiode twee procent bereikt, en we van oordeel zijn dat bij de onderliggende inflatie voldoende vooruitgang is geboekt zodanig dat deze in overeenstemming is met de stabilisering van de inflatie op twee procent op middellange termijn. Dit kan ook betekenen dat de inflatie gedurende een overgangsperiode gematigd boven de doelstelling uitkomt.

De Raad van Bestuur verwacht de maandelijkse nettoaankopen van activa in het kader van het APP voort te zetten zo lang als noodzakelijk is om de accommoderende invloed van de beleidstarieven te versterken, en ze te beëindigen kort voordat de Raad begint met de verhoging van de basisrentetarieven van de ECB.

De Raad van Bestuur is eveneens voornemens de aflossingen op effecten die zijn aangekocht in het kader van het APP en die de vervaldatum hebben bereikt, volledig te blijven herinvesteren, en wel voor geruime tijd voorbij het moment waarop de Raad de basisrentetarieven van de ECB begint te verhogen, en in ieder geval zo lang als noodzakelijk is om gunstige liquiditeitscondities en een ruime mate van monetaire accommodatie te handhaven.