Informatie aangaande de verwerking van persoonsgegevens door de NBB

Krachtens artikel 307, § 1, tweede lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92) moet iedere belastingplichtige de nummers van de rekeningen waarvan hij of zij vanaf 1 januari 2011 – zelfs tijdelijk – houder of medehouder is (geweest) bij een bank-, wissel-, krediet- of spaarinstelling gevestigd in het buitenland, meedelen aan het centraal aanspreekpunt (CAP) bedoeld in artikel 322, § 3, van het WIB 92.

Ook soortgelijke buitenlandse rekeningen op naam van de kinderen van de belastingplichtige moeten door deze laatste aan het CAP worden meegedeeld wanneer de inkomsten van de kinderen bij die van de ouders zijn gevoegd in de belastingaangifte van de belastingplichtige.

Deze mededeling moet plaatsvinden voor, of uiterlijk gelijktijdig met, de indiening van de aangifte in de personenbelasting waarin het bestaan van de bedoelde buitenlandse rekeningen tijdens het betrokken belastbare tijdperk wordt vermeld, tenzij dit bestaan eerder al aan het CAP is meegedeeld.

De volgende gegevens moeten in deze context worden meegedeeld:

  1. de naam, de eerste officiële voornaam en het identificatienummer in het Rijksregister van de belastingplichtige. Ingeval de belastingplichtige niet in het Rijksregister is opgenomen, moet dan het identificatienummer toegekend bij de Kruispuntbank van de sociale zekerheid (het “register-bisnummer”) worden meegedeeld;
  2. voor elke meegedeelde buitenlandse rekening:
    • het nummer ervan (het IBAN-nummer wanneer dit nummer bestaat);
    • de benaming van de buitenlandse bank-, wissel-, krediet- en spaarinstelling;
    • de BIC-code van deze instelling, of haar volledig adres wanneer deze instelling geen BIC-code heeft;
    • het land waar deze rekening werd geopend;
  3. voor de aanslagjaren 2012 tot 2014 en voor iedere buitenlandse rekening: het belastbaar tijdperk verbonden aan deze aanslagjaren waarin de belastingplichtige, en desgevallend zijn of haar kinderen, houder of medehouder zijn geweest van de betreffende buitenlandse rekening;
  4. wanneer de belastingplichtige buitenlandse rekeningen meedeelt waarvan zijn of haar kinderen houder of medehouder zijn (geweest), en voor iedere van deze rekeningen: het laatste belastbaar tijdperk waarin de inkomsten van de kinderen bij deze van de ouders gevoegd werden in de belastingaangifte van de belastingplichtige;

  5. de datum van afsluiting van elke buitenlandse rekening waarvan de belastingplichtige het bestaan eerder aan het CAP heeft meegedeeld.

Deze gegevens moeten de fiscale ambtenaren, belast met de vestiging en invordering van de personenbelasting, in staat stellen om in bepaalde gevallen en volgens strikte procedures te kunnen nagaan bij welke buitenlandse financiële instellingen een belastingplichtige rekeningen heeft (aangehouden) teneinde, hetzij het bedrag van de belastbare inkomsten van de belastingplichtige vast te stellen, hetzij zijn of haar vermogenssituatie te bepalen met het oog op het invorderen van de belasting en de voorheffingen verschuldigd in hoofdsom en opcentiemen, van de belastingverhogingen en administratieve boeten, van de interesten en van de kosten. Ook andere instellingen of overheden kunnen door de wetgever gemachtigd worden het CAP te raadplegen, volgens de modaliteiten en voor de doeleinden die de wet bepaalt. Dit is thans het geval voor de Centrale Dienst voor Inbeslagnemingen en Verbeurdverklaringen, die als onderdeel van het Openbaar Ministerie voormelde gegevens kan raadplegen in het kader van bankrekeningonderzoeken.

Het CAP wordt beheerd door de Nationale Bank van België (NBB), waarvan de hoofdzetel te 1000 Brussel, de Berlaimontlaan 14 is gevestigd.

Iedere belastingplichtige heeft het recht om bij de NBB inzage te krijgen van de gegevens die door het CAP op zijn of haar naam zijn geregistreerd. Ingeval de gegevens onjuist blijken te zijn, heeft hij of zij bovendien het recht om ze te verbeteren of te doen schrappen.

De gegevens aangaande iedere buitenlandse rekening worden in het CAP bewaard tot het einde van het achtste jaar dat volgt op het jaar tijdens hetwelke de buitenlandse rekening werd afgesloten volgens mededeling vanwege de belastingplichtige. De identificatiegegevens aangaande de belastingplichtige worden in het CAP bewaard tot het einde van het achtste jaar dat volgt op het jaar tijdens hetwelke de laatste buitenlandse rekening geregistreerd op naam van de belastingplichtige afgesloten volgens mededeling vanwege hem of haar. Bij het verstrijken van de voormelde bewaartermijnen worden de vervallen gegevens onherroepelijk uit het CAP gewist.