Reciprociteit

Te reciproceren maatregelen

Overzicht van alle buffer rates voor toepassing van de contracyclische buffer: BIS, ESRB

Frankrijk - Een verscherping van de limieten voor grote blootstellingen (large exposures) van artikel 395, lid 1 van Verordening (EU) nr. 575/2013 tot 5 procent van in aanmerking komend kapitaal, toe te passen door Belgische globaal systeemrelevante instellingen (G-SII’s) en andere systeemrelevante instellingen (O-SII’s) - op het hoogste consolidatieniveau van hun bancaire prudentiële perimeter - met blootstellingen, via bijkantoren gevestigd in Frankrijk of via directe grensoverschrijdende kredietverlening in Frankrijk, aan grote niet-financiële vennootschappen met een hoge schuldenlast met maatschappelijke zetel in Frankrijk. Voor deze maatregel geldt een gecombineerde materialiteitsdrempel. Overeenkomstig artikel 1, § 3 van het reglement van 24 februari 2016 van de Nationale Bank van België goedgekeurd door het koninklijk besluit van 20 mei 2016, zal deze maatregel van toepassing zijn vanaf 1 april 2019.
Specifieke details van de maatregel worden hier verder besproken.

Zweden - Een kredietinstellingspecifieke 25 %-ondergrens voor het gemiddelde risicogewicht inzake de door onroerende goed gedekte aangehouden blootstellingen met betrekking tot particulieren en kleine partijen aan in Zweden gevestigde debiteuren, geldend voor kredietinstellingen die de internal-ratings-based-methode (IRB) hanteren: toe te passen door Belgische kredietinstellingen met zulke risicoposities via hun bijkantoren gevestigd in Zweden of directe grensoverschrijdende kredietverlening in Zweden, met toepassing van een materialiteitsdrempel van 5 miljard SEK. Overeenkomstig artikel 1, § 3 van het reglement van 24 februari 2016 van de Nationale Bank van België goedgekeurd door het koninklijk besluit van 20 mei 2016, zal deze maatregel van toepassing zijn vanaf 21 mei 2019.

Vervallen maatregelen

Finland ‑ Een kredietinstellingsspecifiek minimumniveau van 15 procent voor het gemiddelde risicogewicht inzake leningen die zijn gedekt door een hypotheek op in Finland gelegen wooneenheden, geldend voor kredietinstellingen die de internal-ratings-based-methode (IRB) hanteren: toe te passen door Belgische kredietinstellingen met zulke risicoposities via hun bijkantoren gevestigd in Finland of directe grensoverschrijdende kredietverlening in Finland, met toepassing van een materialiteitsdrempel van € 1 miljard. Overeenkomstig artikel 1, § 3 van het reglement van 24 februari 2016 van de Nationale Bank van België goedgekeurd door het koninklijk besluit van 20 mei 2016, was deze maatregel van toepassing tussen 3 april 2018 en 31 december 2020.

Estland ‑ systeemrisicobuffer van 1%: toe te passen door Belgische kredietinstellingen met risicoposities op Estland via hun bijkantoren gevestigd in Estland of via directe grensoverschrijdende kredietverlening in Estland, met toepassing van een materialiteitsdrempel van € 250 miljoen. Overeenkomstig artikel 1, § 3 van het reglement van 24 februari 2016 van de Nationale Bank van België goedgekeurd door het koninklijk besluit van 20 mei 2016, was deze maatregel van toepassing tussen 21 mei 2019 en 30 april 2020.