Modellen verenigingen en stichtingen

De kleine en grote verenigingen en stichtingen dienen hun jaarrekening bij de Nationale Bank neer te leggen. De meesten dienen daarvoor een gestandaardiseerd model te gebruiken. Andere mogen of moeten het schema gebruiken dat specifiek is voor de wetgeving waaraan zij onderworpen zijn.

1. Nieuwe modellen voor verenigingen en stichtingen

Een vereniging of stichting die een jaarrekening moet neerleggen, dient deze in principe op te stellen volgens een van de onderstaande standaardmodellen.

Het nieuwe Wetboek van vennootschappen en verenigingen (WVV) voorziet in nieuwe modellen van jaarrekeningen. De belangrijkste wijzigingen in de modellen van de jaarrekening voor verenigingen en stichtingen zijn:

  • de invoering van het micromodel,
  • de afstemming van de modellen voor verenigingen en stichtingen op de modellen voor vennootschappen.

 

Nieuwe modellen voor verenigingen en stichtingen, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 4 september 2020, pagina 65037, overeenkomstig het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.

 

Groottecriteria bepalen de omvang van de vereniging of stichting en het te gebruiken standaardmodel.

 

Overeenkomstig het advies van de Commissie voor Boekhoudkundige Normen CBN 2020/01, moeten de nieuwe modellen worden gebruikt voor de indiening van de jaarrekening:

  • met betrekking tot een boekjaar dat na 31.12.2019 is afgesloten;
  • van verenigingen en stichtingen die na 30.04.2019 zijn opgericht;
  • van verenigingen en stichtingen die in de loop van 2019 hebben gekozen voor de opt-in en waarvan de nieuwe statuten zijn gepubliceerd vóór de afsluitdatum van hun boekjaar.

 

Neerlegging van de oude modellen in PDF-formaat blijft na 03.02.2021 nog mogelijk voor boekjaren eindigend tot en met 31.12.2019.

2. Uitzonderingen: specifieke schema's voor verenigingen, stichtingen en voor organismen voor de financiering van pensioenen (OFP's)

Sommige verenigingen en stichtingen zijn door de bijzondere aard van hun activiteiten onderworpen aan een specifieke wetgeving en hebben een jaarrekeningenschema dat afwijkt van de standaardmodellen. Indien de raad van bestuur oordeelt dat de huidige boekhoudkundige verplichtingen gelijkwaardig zijn aan die van het KB van 29 april 2019, dan mag de vereniging of stichting het specifieke jaarrekeningschema neerleggen in plaats van één van de gestandaardiseerde modellen.

De organismen voor de financiering van pensioenen (ofp's) moeten in elk geval een specifiek jaarrekeningschema gebruiken.

Om het onderscheid duidelijk te maken tussen de jaarrekeningen opgesteld volgens een afwijkend schema en de jaarrekening opgesteld volgens een gestandaardiseerd model dient de vereniging, stichting of ofp die een afwijkend schema neerlegt de jaarrekening te laten voorafgaan door een specifiek voorblad voor de jaarrekening van verenigingen opgesteld volgens een afwijkend schema.

De vereniging, stichting of ofp is gehouden op het voorblad de wettelijke of reglementaire basis  te vermelden die het gebruik van het afwijkend schema verantwoordt.

3. Modellen voor ziekenfondsen en landsbonden van ziekenfondsen

Ziekenfondsen en landsbonden van ziekenfondsen onderworpen aan de wet van 6 augustus 1990 moeten hun jaarrekening opmaken volgens het model opgesteld door de Controledienst voor de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen.

Voor de neerlegging bij de Nationale Bank moet dit model voorafgegaan worden door het gepaste voorblad:

4. Historiek van de standaardmodellen