Belgische vennootschappen

De meeste Belgische vennootschappen waarvan de verantwoordelijkheid van de aandeelhouders of vennoten beperkt is tot hun inbreng, evenals sommige andere vennootschappen moeten jaarlijks hun jaarrekening en/of hun geconsolideerde jaarrekening neerleggen.

Volgens de rechtsvorm

Moeten een jaarrekening neerleggen:

  • vennootschappen naar Belgisch recht, al dan niet met sociaal oogmerk, opgericht in de vorm van:
    • een naamloze vennootschap (NV)
    • een commanditaire vennootschap op aandelen (Comm.VA)
    • een besloten vennootschap (met beperkte aansprakelijkheid) (BV en BVBA)
    • een coöperatieve vennootschap (met beperkte aansprakelijkheid) (CV en CVBA)
  • de Europese economische samenwerkingsverbanden (EESV) ingeschreven in België indien zij onder hun onbeperkt aansprakelijke vennoten één of meer rechtspersonen tellen
  • de Europese vennootschap (SE) naar Belgisch recht
  • de vennootschappen naar Belgisch recht, al dan niet met sociaal oogmerk, opgericht in de vorm van:
    • een vennootschap onder firma (VOF)
    • een (gewone) commanditaire vennootschap (CommV)
    • een coöperatieve vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid (CVOA)
    • een economisch samenwerkingsverband (ESV)

    indien zij onder hun onbeperkt aansprakelijke vennoten één of meer rechtspersonen tellen en tegelijk als groot worden beschouwd

Alle hierboven bedoelde vennootschappen moeten hun jaarrekening neerleggen, ongeacht of ze handelsvennootschappen zijn of burgerlijke vennootschappen die de vorm van een handelsvennootschap hebben aangenomen.

  • de openbare instellingen die niet werden opgericht in de vorm van een handelsvennootschap, maar die een statutaire opdracht van commerciële, financiële of industriële aard vervullen; deze groep instellingen omvat eveneens de autonome gemeentebedrijven en de intergemeentelijke verenigingen
  • de verzekeringsondernemingen die door de Koning zijn toegelaten overeenkomstig de wetgeving betreffende de verzekeringsondernemingen; deze groep ondernemingen omvat eveneens de particuliere verzekeringsondernemingen opgericht in de vorm van een onderlinge verzekeringsvereniging of een gemeenschappelijke verzekeringskas (behalve tak 'Arbeidsongevallen') 
  • bepaalde instellingen voor collectieve belegging met een veranderlijk aantal rechten van deelneming (beleggingsfondsen), waarbij de jaarrekening als bijlage bij de jaarrekening van de beherende vennootschap moet worden neergelegd
  • de Belgische publiekrechtelijke rechtspersonen die de rechtsvorm van een handelsvennootschap hebben aangenomen, niettegenstaande elk hiermee strijdig statutair beding.

 

Moeten geen jaarrekening neerleggen:

Het gaat onder andere over:

  • natuurlijke personen die handelaar zijn
  • kleine vennootschappen waarvan de vennoten onbeperkt aansprakelijk zijn: vennootschappen onder firma, gewone commanditaire vennootschappen, coöperatieve vennootschappen met onbeperkte aansprakelijkheid
  • grote vennootschappen waarvan de vennoten onbeperkt aansprakelijk zijn, indien geen enkele vennoot een rechtspersoon is
  • landbouwvennootschappen
  • ziekenhuizen voor zover zij niet de vorm hebben aangenomen van een handelsvennootschap met beperkte aansprakelijkheid of van een grote of zeer grote vzw
  • beroepsfederaties, scholen en instellingen voor hoger onderwijs voor zover ze niet de vorm aangenomen hebben van een grote of zeer grote vzw.

In bepaalde gevallen moeten zij aan de Balanscentrale een sociale balans bezorgen.

Volgens de rechtstoestand

Gefuseerde, opgeslorpte of gesplitste vennootschappen

De bestuurders van een gefuseerde, opgeslorpte of gesplitste vennootschap moeten een jaarrekening opmaken voor de periode tussen de afsluitingsdatum van het laatste boekjaar waarvoor de jaarrekening is goedgekeurd en de datum vanaf dewelke de handelingen van de te fuseren, op te slorpen of te splitsen vennootschap geacht worden te zijn verricht voor rekening van de verkrijgende vennootschap. Die jaarrekening moet bovendien aan de aandeelhouders of vennoten van elke verkrijgende vennootschap ter goedkeuring worden voorgelegd.

De jaarrekening moet binnen dertig dagen nadat zij door de algemene vergadering is goedgekeurd, bij de Nationale Bank worden neergelegd.

Vennootschappen in vereffening

Vennootschappen in vereffening dienen, op grond van de artikelen 2:70, tweed lid, 2:99 en 3:10  WVV, twee jaarrekeningen neer te leggen voor het boekjaar in de loop waarvan ze worden ontbonden, nl. één door de gewezen zaakvoerder(s) of bestuurder(s) en één door de vereffenaar(s), tenzij de invereffeningstelling en de afsluiting van de vereffening plaatsvinden tijdens hetzelfde boekjaar. Dit om een duidelijk onderscheid te kunnen maken tussen de aansprakelijkheid van de zaakvoerder(s) of bestuurder(s) en die van de vereffenaar(s). Elke mandataris neemt immers verantwoordelijkheid op voor en wordt met betrekking tot zijn beleid afgerekend op basis van de door hem opgestelde (gedeeltelijke) jaarrekening.

De fase waarin een vennootschap zich in de vereffeningsprocedure bevindt, bepaalt wie voor welke periode een jaarrekening bij de Nationale Bank moet neerleggen:

  1. Door de invereffeningstelling dienen de gewezen zaakvoerders of bestuurders een jaarrekening betreffende de periode tot aan de ontbinding (hiermee wordt de datum bedoeld van de authentieke akte tot ontbinding van de vennootschap) op te stellen doordat de ontbinding de afsluiting van het boekjaar tot gevolg heeft. Deze jaarrekening wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de algemene vergadering en neergelegd bij de Nationale Bank overeenkomstig artikel 3:10 WVV.

  2. Tijdens de vereffening dienen de vereffenaars een jaarrekening neer te leggen betreffende de periode vanaf de ontbinding tot de normale afsluitdatum van het boekjaar. Vervolgens dienen zij jaarlijks een jaarrekening neer te leggen zolang de vereffening niet werd afgesloten. Deze jaarrekeningen worden voorgelegd aan de algemene vergadering met vermelding van de redenen waarom de vereffening niet kon worden voltooid overeenkomstig artikel 2:99, eerste lid WVV (niet ter goedkeuring) en neergelegd bij de Nationale Bank van België overeenkomstig artikel 2:99, tweede lid WVV, binnen 30 dagen na de datum van de algemene vergadering en ten laatste 7 maanden na de datum van afsluiting van het boekjaar.

  3. Bij het afsluiten van de vereffening moet de jaarrekening niet meer openbaar worden gemaakt, tenzij de datum van de afsluiting van de vereffening zou samenvallen met de normale afsluitdatum van het boekjaar. De jaarrekening met betrekking tot het laatste onvolledige boekjaar moet dus niet meer worden neergelegd (art. 2:99 en art. 3:10 WVV).

Indien de vereffening wordt afgesloten tijdens het boekjaar waarin de vennootschap in vereffening werd gesteld (bijvoorbeeld in geval van ontbinding en vereffening in één akte), dient er enkel door de gewezen zaakvoerders of bestuurders één jaarrekening neergelegd te worden.

Bij neerlegging moet op de eerste bladzijde van de jaarrekening de benaming van de vennootschap steeds worden aangevuld met de woorden 'in vereffening'.