Statistieken

De Balanscentrale stelt statistieken op aan de hand van de jaarrekeningen (gestandaardiseerde modellen) die worden neergelegd door ondernemingen of door verenigingen en stichtingen. Die statistieken kunnen gratis online worden geraadpleegd.

Inhoud statistieken uit de jaarrekeningen

De online 'statistieken uit de jaarrekeningen' maken deel uit van NBB.Stat, de online databank van de Nationale Bank van België.

  • Jaarrekeningen van ondernemingen
  • Jaarrekeningen van verenigingen en stichtingen
  • Sociale balansen - globalisaties
  • Financiële ratio's van ondernemingen
  • Financiële ratio's van verenigingen en stichtingen

Deze sectorale statistieken, gebaseerd op de economische activiteitennomenclatuur NACE-BEL 2008, zijn beschikbaar van het boekjaar 2009 tot 2015.

Per boekjaar beschrijft een verklarende nota hoe de statistieken worden opgesteld.

De gebruikershandleiding NBB.Stat - Jaarrekeningen geeft een overzicht over hoe de geglobaliseerde cijfers en de financiële ratio's kunnen opgevraagd en bewerkt worden.

Statistieken bestemd voor Europese gegevensbanken

De Nationale Bank stelt op basis van de jaarrekeningen van de Belgische vennootschappen statistieken op die bestemd zijn om opgenomen te worden in de Europese gegevensbank BACH  (Bank for the Accounts of Companies Harmonised). Deze gegevensbank wordt beheerd door de Banque de France en bevat, per sector, geaggregeerde en geharmoniseerde informatie over de jaarrekeningen van niet-financiële ondernemingen uit 12 Europese landen. Meer in het bijzonder betreft het het gewogen gemiddelde en de spreiding in kwartielen van

 

  • de voornaamste rubrieken van de balans en de resultatenrekening
  • 29 financiële ratio's.

Indicatoren van de voortgezette beroepsopleiding

Na afloop van de werkgelegenheidsconferentie in oktober 2003, hebben de Nationale Arbeidsraad en de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven het initiatief genomen een groep van experten bij elkaar te brengen, die de opdracht kreeg een eenvoudig meetinstrument te ontwikkelen waarmee een nauwkeurig beeld verkregen wordt van alle geleverde inspanningen op het vlak van voortgezette beroepsopleiding.

In zijn eindrapport stelt de werkgroep voor een boordtabel te gebruiken, toegespitst op vier sleutelindicatoren die grotendeels gebaseerd zijn op de beschikbare gegevens in de sociale balans, aangevuld met informatie uit andere bronnen, zoals: de door de Algemene Directie Statistiek uitgevoerde enquête met betrekking tot de arbeidskrachten, de Europese CVTS-enquête ("Continuing Vocational Training Survey"), de sectorale opleidingsfondsen en -centra, de door de regionale plaatsingsdiensten geleverde statistieken betreffende de kwetsbare beroepen, en de tabellen met betrekking tot de aantallen begunstigden van educatief verlof.

De "Tabel met indicatoren van de voortgezette beroepsopleiding" toont de evolutie van de door de werkgroep in aanmerking genomen sleutelindicatoren zoals ze op dit ogenblik kunnen berekend worden op basis van de beschikbare gegevens in de sociale balans. De opleidingsindicatoren hebben dan betrekking op:

  • formele voortgezette opleiding, waaronder algemeen wordt verstaan: de door opleiders of sprekers gegeven lessen en stages met het oog op een beroepsopleiding of -onderricht; de lessen en stages mogen niet doorgaan op de werkvloer, maar bijvoorbeeld in een klaslokaal, opleidingscentrum of een daartoe ingericht atelier
  • informele voortgezette opleiding, waarmee bedoeld wordt:
    • on-the-job-training, geplande periodes voor vorming, mentorship, begeleiding, vernieuwing van knowhow en praktische ervaring met het gebruikelijke werkgereedschap, rechtstreeks op de werkvloer of in een werksituatie
    • geplande opleiding of vorming door rotatie van de werknemers op de werkposten, detachering, door uitwisselingen tussen diensten of door dubbele bezetting
    • deelname aan vormings- of kwaliteitskringen
    • zelfstudie (of open opleiding) en opleidingen op afstand (lectuur, cassettes, cd-rom cursussen, cursussen per post,... )
  • initiële opleiding: tot deze categorie behoren de systemen van alternerend leren (leerlingen voor technische en zelfstandige beroepen, die deeltijds onderwijs volgen).