Antiwitwasreglement NBB van 21 november 2017 - Artikel 23

Art. 23

De onderworpen financiële instellingen maken gebruik van toezichtssystemen om de naleving te waarborgen van:

1° de bepalingen van de Europese verordening betreffende geldovermakingen;

2° de bindende bepalingen betreffende financiële embargo's.

Die toezichtssystemen moeten:

1° betrekking hebben op alle rekeningen, overeenkomsten en verrichtingen van de cliënten;

2° een snelle opsporing mogelijk maken van eventuele inbreuken op de in het eerste lid bedoelde bepalingen, of een opsporing in real time wanneer deze bepalingen dat vereisen;

3° geautomatiseerd zijn, behalve als de onderworpen financiële instelling kan aantonen dat dit niet vereist is gezien de aard, het aantal en het volume van de verrichtingen waarop toezicht moet worden gehouden;

4° eerst aan een valideringsprocedure worden onderworpen en daarna geregeld worden bijgewerkt.