Driemaandelijkse bijwerking van 21 september 2022

Integrale versie van het kwartaalcommentaar (PDF).

Executive summary

Aan het einde van het tweede kwartaal van 2022 zette de kredietverlening door de ingezeten banken aan de niet-financiële ondernemingen haar opleving in België voort. Het groeipercentage op jaarbasis van de kredietverstrekking bedroeg eind juni 6,2 %, tegen 4,8 % in maart. Die ontwikkeling resulteert uit een toename van de kredietverlening op lange termijn, die dynamisch bleef, en uit de groei op korte termijn, die steeg. De kredietverlening op middellange termijn is dan weer negatief geworden. Het groeitempo van de kredieten op korte termijn (minder dan een jaar) beliep eind juni 8,4 % (tegen 3,4 % tijdens het voorgaande kwartaal), terwijl dat van de kredieten op middellange termijn (tussen één en vijf jaar) -4,1 % bedroeg (tegen 0,4 % eind maart). De groei van de langlopende kredieten (meer dan vijf jaar), ten slotte, liep op tot 7,7 %, tegen 6,3 % in het voorgaande kwartaal. Tijdens het tweede kwartaal van 2022 was de netto kredietverlening positief, met kredietstromen van € 2,2 miljard tussen april en juni, rekening houdend met de seizoenseffecten.

De rentetarieven op nieuwe bankkredieten gingen over het geheel genomen omhoog. In het tweede kwartaal van 2022 namen de tarieven op nieuwe langetermijnkredieten aan ondernemingen opnieuw aanzienlijk toe. Zo steeg de gemiddelde rente op kredieten met een looptijd van meer dan vijf jaar met 72 basispunten, tot 2,32 %. De tarieven voor de andere categorieën namen eveneens toe, met uitzondering van de korte rente voor leningen met een waarde van meer dan € 1 miljoen. De rente op kortlopende kredieten van minder dan dit bedrag, die gewoonlijk dezelfde tendens volgt als de geldmarktrente, bedroeg 1,61 % (+4 basispunten ten opzichte van het voorgaande kwartaal), terwijl de rente op kortlopende kredieten van meer dan € 1 miljoen stabiel is gebleven op 1,45 % (-1 basispunt). De rente op kredieten met een middellange looptijd (tussen één en vijf jaar), ten slotte, steeg met 82 basispunten, tot 2,40 %.

Volgens de gegevens die de vier grote Belgische banken verstrekten in het kader van de enquête naar de bancaire kredietverlening van het Eurosysteem, bleven de criteria voor kredietverlening aan ondernemingen in het tweede kwartaal van 2022 onveranderd, zowel voor de kmo’s als voor de grote ondernemingen. Bovendien maakten de banken gewag van een stabilisatie van de kredietvraag ten opzichte van het eerste kwartaal van dit jaar. Enkel de concurrentiedruk droeg nog bij tot een stijging van de vraag, terwijl de verslechtering van de risicoperceptie een tegengestelde invloed uitoefende. Voor het derde kwartaal van 2022 gaan de Belgische banken ervan uit dat ze hun kredietverleningscriteria zullen verscherpen en verwachten ze een daling van de kredietvraag vanwege de ondernemingen. De niet-financiële ondernemingen, van hun kant, schatten de kredietvoorwaarden over het algemeen opnieuw slechter in dan tijdens het voorgaande kwartaal.

In het eurogebied bleef de kredietverlening aan ondernemingen tijdens het tweede kwartaal van 2022 krachtig. In juni bedroeg ze 7,0 %, tegen 4,3 % in maart. In de meeste lidstaten werden positieve groeicijfers opgetekend. De banken van de landen van het Eurosysteem wezen tijdens die periode overigens op een verstrakking van hun voorwaarden voor bedrijfskredieten en op een toename van de vraag naar krediet, vooral onder impuls van hun financieringsbehoeften voor het beheer van de voorraden en het bedrijfskapitaal (stijging van de inputkosten tegen de achtergrond van knelpunten in de bevoorrading en stijging van de energieprijzen). Tegelijkertijd werd de vraag vanwege de ondernemingen getemperd door de geringere behoeften aan investeringen, wat wijst op een potentieel uitstel van nieuwe investeringen, gelet op de huidige onzekere context. De banken van het eurogebied verwachten een meer uitgesproken verstrakking van hun kredietverleningscriteria in combinatie met een vertraging van de kredietvraag in het derde kwartaal van 2022.