Balance Sheet Items (Schema A)

De uitstaande bedragen aan bankkredieten worden opgesteld aan de hand van gegevens uit de door alle kredietinstellingen meegedeelde maandelijkse boekhoudkundige staten (Schema A).

Met "kredietinstellingen" wordt verwezen naar alle in België gevestigde kredietinstellingen, namelijk de kredietinstellingen naar Belgisch recht en de Belgische bijkantoren van kredietinstellingen naar buitenlands recht, als bedoeld in titel II, III en IV van de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en toezicht op kredietinstellingen.

De sector "ingezeten niet-financiële vennootschappen" bestaat uit alle eenheden met rechtspersoonlijkheid, en quasi-vennootschappen, die marktproducent zijn en waarvan de hoofdactiviteit, uitgevoerd op Belgisch grondgebied, bestaat uit de productie van goederen en niet-financiële diensten. Zo behoren ook de overheidsbedrijven tot die sector. De reeksen met betrekking tot deze sector komen overeen met de statistieken die gepubliceerd worden in tabel 13.2.2.5.2 van het Statistisch Tijdschrift.

De uitstaande bedragen aan kredietverstrekking zijn exhaustief en bevatten alle vormen van uitbetalingskrediet (leningen op termijn, voorschotten in rekening courant, ...) ongeacht de valuta waarin het krediet is verleend. Die kredieten omvatten de dubieuze kredieten. De kredieten in vreemde valuta's worden omgerekend in euro tegen de wisselkoers aan het einde van de periode.

De uitstaande bedragen hebben betrekking op de situatie aan het einde van de periode.

De veranderingen in de kredietverstrekking hebben betrekking op het verschil tussen het uitstaande bedrag aan kredietverstrekking aan het einde van een periode (maand, kwartaal) en het uitstaande bedrag aan het einde van de daaraan voorafgaande periode.

De effectieve stromen van kredietverstrekking worden berekend door de verandering in de kredietverstrekking te zuiveren voor het effect van wisselkoersschommelingen, eventuele sectorale herklasseringen en herwaarderingen.

Ft = (Et - Et-1) - RCt - RVt - ATCt

waarbij de volgende definities van toepassing zijn:

F: effectieve stromen van kredietverstrekking
E: uitstaand bedrag
RC: sectorale herklasseringen
RV: herwaarderingen
ATC: effect van wisselkoersschommelingen
t: einde van de beschouwde periode
t-1: einde van de voorgaande periode

De wisselkoerscorrectie wordt als volgt berekend:

(UBt1 - UBt0) . WKtg - (UBt1 . WKt1 - UBt0 . WKt0)

waarbij de volgende definities van toepassing zijn:

UB: uitstaand bedrag in vreemde valuta's
WK: wisselkoers
t1: einde van het beschouwde kwartaal
t0: einde van het voorgaande kwartaal
tg: gemiddelde van het beschouwde kwartaal

De herklasseringen: in overeenstemming met de methodologische richtlijnen uit het ESR 1995 wordt elke institutionele eenheid toegewezen aan een institutionele sector. Het gebeurt dat eenheden veranderen van sector (b.v. van de overheidssector naar de sector van de niet-financiële vennootschappen). Voor zover deze overdrachten geen financiële transacties zijn, dienen ze te worden geweerd uit de effectieve stromen en dat gebeurt door middel van herklasseringen.

De herwaarderingen met betrekking tot de kredieten zijn voornamelijk overdrachten van en naar de "dubieuze debiteurs" alsook de afboekingen van kredieten.